Osteopathie en huilbaby’s

Osteopathie en huilbaby’s

Osteopathie bij huilbaby’s kan helpen, maar vrijwel alle baby’s huilen. Het normale huilgedrag neemt meestal de eerste weken na de geboorte toe om op 6 weken een hoogtepunt te bereiken en daarna weer af te zakken. Op hun hoogtepunt huilen de meeste baby’s ongeveer 1,5 à 2 uur (onafgebroken) per dag.[1]

Maar wat is nu een huilbaby? Volgens de World Health Organisation (WHO) is een huilbaby een kindje dat minimaal drie weken lang, minimaal drie dagen per week, minimaal drie uur per dag huilt. Over het algemeen mag aangenomen worden dat een baby die veel huilt zonder duidelijke oorzaak ook een huilbaby genoemd kan worden.

Onderzoek bij huilbaby’s

osteopathie en huilbaby's
Osteopathie en huilbaby’s

Sommige problemen bij kinderen ontstaan al in de baarmoeder of tijdens de geboorte. Een nauw geboortekanaal, een stug bekken of hulpmiddelen bij de bevalling kunnen de beweeglijkheid van de schedel beïnvloeden. Dit kan later aanleiding geven tot groeistoornissen, motorische achterstand, onrust en andere klachten. Osteopathie kan een veilige weg zijn om deze problemen te verhelpen. Als de osteopaat reden ziet voor medisch onderzoek, dan zal overleg met de huisarts en/of consultatiebureau plaatsvinden.

Via een uitgebreide anamnese (specifiek vraaggesprek) zal de osteopaat ingaan op de klachten en vragen stellen over de algehele gezondheid van de baby (hoe was zwangerschap, bevalling, geboorte, etc.).

De oorzaak van overmatig huilen is niet altijd even duidelijk. Mogelijk speelt een nog niet goed ontwikkeld en functionerend darmsysteem daarbij een rol (bv. verhoogde darmdoorlaatbaarheid) of voedselallergie, gedragsfactoren (bv. over- en onderstimulatie, stress van de ouders), druk van de geboorte op de schedel, blokkades in bekken en wervelkolom, etc.
Ook kan het excessief huilen gepaard gaan met een voorkeurshouding van het hoofd, een scheefstand van de nek (torticollis), een kromme rug (scoliose) of bewegingsbeperkingen van de heupen (allemaal tekenen van het KISS-syndroom).

Soms verloopt de bevalling anders dan verwacht (gebruik van zuignap, forceps, langdurig verblijf in het geboortekanaal, zeer snelle geboorte of keizersnede) en is de baby daardoor niet in staat deze natuurlijke compensaties zelf te herstellen.

In deze fase van de ontwikkeling liggen baby’s nog het grootste deel van de dag en is de maagingang nog niet goed gesloten. Dit kan leiden tot (verborgen) reflux. De maaginhoud komt in de slokdarm terecht en veroorzaakt een brandende pijn. De baby heeft hier last van en kan dan onophoudelijk blijven huilen. Een behandeling bij de osteopaat kan baat hebben doordat ze de spanning rondom het middenrif verminderen waardoor de maagingang beter sluit en er minder makkelijk maagzuur kan teruglopen naar de slokdarm waardoor de pijn en het huilen minder worden.

Een afgeplatte schedel van de baby kan het gevolg zijn van een voorkeurshouding. De baby heeft de neiging om met het hoofdje of het hele lichaam dezelfde richting op te draaien/kijken/liggen omdat de spieren hier verkrampt zijn. Dat heeft invloed op de zenuwen van de spijsverteringsorganen. Dit kan ontstaan doordat er tijdens de bevalling bijvoorbeeld te veel spanning ontstaan is op de wervelkolom, wat de beweging van het hoofd naar de andere richting belemmert.

Huilen ten gevolge van darmkrampen is herkenbaar aan het rood aanlopen van het gezicht, een gefronst voorhoofd en opgetrokken benen. De baby begint vervolgens te krijsen. De aanvallen duren enkele minuten en herhalen zich. Tijdens de aanvallen is de baby ontroostbaar. Aan luide darmgeluiden is te merken dat het om krampen gaat.

Ook het niet goed boeren (wat aanleiding kan geven om onvoldoende te drinken) kan darmkrampen veroorzaken omdat de lucht die in de maag zit, naar de darmen gaat. Hierdoor kan de baby 1 tot 1.5 uur na de voeding plots heftig en voor de ouders vaak onverklaarbaar beginnen krijsen. Instructies betreffende het beter laten boeren kunnen dan helpen.

Soms is het ook raadzaam om te kijken of het eten goed verdragen wordt. Kindjes die voortdurend verkouden zijn, een lage weerstand hebben, niet goed aankomen in gewicht, huidproblemen (eczeem, etc. …) vertonen, reageren vaak niet goed op bijvoorbeeld lactose of koemelkeiwitten.

Ook trauma’s (bv. vallen) tijdens de eerste levensjaren kunnen klachten veroorzaken. Als deze compensaties niet verdwijnen, moet het lichaam zich tijdens zijn ontwikkeling hieraan aanpassen. Deze onopgeloste spanningen liggen vaak aan de basis van heel wat problemen in de kindertijd en vaak ook op volwassen leeftijd.

Behandeling bij huilbaby’s

Een osteopaat kan huilbaby’s goed behandelen door middel van zachte technieken. Door behandeling van bovengenoemde gebieden zorgt de osteopaat ervoor dat de beweeglijkheid van de weefsels toeneemt, het zenuwstelsel minder geprikkeld wordt en het systeem zich beter kan ontwikkelen. Het kindje wordt hierdoor rustiger en tevreden.

Daarom kan het zinvol zijn om elke baby kort na de bevalling te laten onderzoeken en behandelen door een osteopaat. In deze periode kan men de stress en spanningen gemakkelijker ongedaan maken. Hoe langer men wacht, hoe langer de aanwezige spanningen blijven voortbestaan, hoe moeilijker het lichaam deze loslaat.

Meestal is na 3 behandelingen duidelijk te beoordelen of de behandeling aanslaat.

Welke klachten kan een osteopaat behandelen?

Kindjes die extreem veel, vaak en/of ontroostbaar huilen, kindjes met voorkeurshoudingen en afgeplatte hoofdjes (al dan niet in samenwerking met kinderfysiotherapeut), maag-darmklachten, kinderen die slecht drinken aan de borst/fles, bewegingsbeperkingen.

VERWIJZING/VERGOEDING/TARIEVEN

De osteopaten bij Sens Gezondheidszorg® zijn naast het behandelen van volwassenen ook gespecialiseerd in het behandelen van baby’s en kinderen. Voor een osteopathisch consult hebt u geen verwijzing van een huisarts nodig. Een behandeling bij een van onze geregistreerde osteopaten wordt door vrijwel alle Nederlandse zorgverzekeraars geheel of gedeeltelijk vergoed uit het aanvullende pakket en valt niet onder het eigen risico.

Mocht u na het lezen van deze tekst vragen hebben of een van onze osteopaten willen spreken, dan horen wij dat graag!

Osteopaten bij huilbaby’s

Tilburg

 

 

 

Erik Horsten

Maarten van den Broek

Laura Gielen

Stephanie Naudts

Kaatsheuvel Maarten Krause
Hilvarenbeek Maarten van den Broek
Loon op Zand Jori Vromans
Goirle Maarten Krause

 

Referenties

  • (Hayden C, Mullinger B. A preliminary assessment of the impact of cranial osteopathy for the relief of infantile colic. Complement Ther Clin Pract. 2006;12:83–90: De auteurs vinden een significante reductie in het huilen van 63% versus 23% in de groep baby’s die wel of net geen osteopatische behandeling onderging. Ook was er een significante toename van het aantal uren slapen.)
  • Tjon W.E., Ten A., Wolters M. (2004), “Huildagboek bij zuigelingen; een nuttig hulpmiddel om onderscheid te maken tussen normaal en excessief huilgedrag”, in: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, jrg. 148, nr. 6, p. 257-259.
  • Zwart P., Brand P.L.P. (2004), “Excessief huilen van zuigelingen: een probleem van kind én ouders (en slechts zelden veroorzaakt door koemelkallergie)”, in: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, jrg. 148, nr. 6, p. 260-262.
  • Nooitgedacht J.E., Zwart P., Brand P.L.P. (2005), “Oorzaken, behandeling en beloop bij zuigelingen die vanwege excessief huilen waren opgenomen op de kinderafdeling van de Isala klinieken te Zwolle, 1997/’03”, in: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, jrg. 149, nr. 9.
  • Brand P.L.P., Engelbert R.H.H., Helders P.J.M., Offringa M. (2005), “Systematisch literatuuronderzoek naar de effecten van behandeling bij zuigelingen met ‘kopgewrichteninvloed bij storingen in de symmetrie’ (KISS-syndroom)”, in: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, jrg. 149, nr. 13, p. 703-707.
  • https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC6134333/: Recent advances in understanding and managing infantile colic (Siel Daelemans, Writing – Review & Editing,1 Linde Peeters, Writing – Review & Editing,1 Bruno Hauser, Writing – Review & Editing,1 and Yvan Vandenplas, Conceptualization, Methodology, Validation, Writing – Original Draft Preparationa,1