Lage rugpijn en bekkenklachten

Lage rugpijn en bekkenklachten zijn veel voorkomende en geziene klachten in de dagelijkse fysiotherapie praktijk. Een adequate behandeling van een patiënt met lage rugpijn begint met het stellen van de juiste diagnose. In het geval van lage rugpijn komt dit neer op het maken van onderscheid tussen specifieke en aspecifieke lage rugklachten. Aspecifieke lage rugpijn wordt gedefinieerd als rugpijn waarvoor geen aanwijsbare specifieke oorzaak voor de klachten te vinden is. Dit is het geval bij ongeveer 90% van alle patiënten met lage rugklachten (KNGF richtlijn lage rugklachten, 2013).

Risicofactoren

Lage rugpijn en bekkenklachten
Lage rugpijn en bekkenklachten

Er zijn verschillende risicofactoren voor het ontstaan van aspecifieke lage rugklachten (NHG- Standaard Aspecifieke lage rugpijn, 2017).
Een aantal voorbeelden hiervan zijn:

  • Werk gerelateerde psychosociale stressfactoren (werkstress en weinig afwisseling van houding)
  • Het verrichten van zwaar lichamelijk werk
  • Obesitas
  • De natuurlijke veroudering van het kraakbeen (artrose, slijtage of degeneratie genoemd)
  • Spanning, stress, vermoeidheid, ziekte, kou, vocht.
  • Veranderingen in de hormoonspiegel tijdens een zwangerschap
  • Een verkeerde beweging of verdraaiing, bijvoorbeeld met vegen, buk-draaibeweging tijdens tillen.

De rol van het bekken bij lage rugklachten

Een disfunctioneren van het bekken is een belangrijke factor als het gaat om oorzaken die gevonden kunnen worden voor het ontstaan van lage rugklachten. Het is namelijk een veel voorkomende oorzaak van klachten in de lage rug. Daarom is het van belang dat dit goed wordt meegenomen in het lichamelijk onderzoek van de therapeut. Het bekken is een essentiële schakel in het menselijk bewegen. Het bekken bestaat uit 3 botdelen die door 3 gewrichten een stevige ringvorm vormen, waaronder de zogenaamde SI-gewrichten. Een goed samenwerkingsverband tussen de spieren en het bindweefsel is van groot belang voor de stabiliteit van de lage rug en het bekken. Daardoor kunnen de krachten van de romp op de benen en vice versa goed worden overgebracht. De functie van de bekkenbodemspieren moeten in dit verhaal niet vergeten worden, omdat gebleken is dat de bekkenbodem bijdraagt aan de beweging en stabilisatie van het bekken. Onder- of overactiviteit van de bekkenbodemspieren kan een oorzaak of gevolg zijn van lage rug- en bekkenklachten (Pool-Goudzwaard et al., 2004).

Bekkenbodemspieren

Er kan sprake zijn van een overactieve bekkenbodem met als gevolg bijvoorbeeld chronische buik- en bekkenpijn en er kan sprake zijn van een onderactieve bekkenbodem wat klachten als urine incontinentie met zich mee kan brengen.

Een aangepast bewegingsgedrag door pijnklachten kan leiden tot het in stand houden of toenemen van de pijn (O’Sullivan & Beales, 2007). Als de verschillende spiergroepen in de rug en het bekken die samen zorgen voor de beweging en stabiliteit van het bekken niet goed functioneren, kan dit zorgen voor een disfunctie in de bekkenbodemspieren. Overactiviteit van de bekkenbodem komt relatief vaak voor, zowel bij vrouwen als bij mannen (Pool-Goudzwaard et al., 2004).

Lichamelijk onderzoek lage rugpijn en bekkenklachten

De therapeut zal in een uitgebreid vraaggesprek specifiek ingaan op uw klachten en uw hulpvraag. Nadien zal het onderzoek gestart worden waarin verschillende testen en observaties aan bod zullen komen om een goed beeld te krijgen van de klachten.
Het is belangrijk om tijdens het onderzoek de manier van bewegen te observeren, de mobiliteit en stabiliteit van de rug en het bekken. Het looppatroon is bijvoorbeeld van belang, maar daarnaast ook de aanspanning/ontspanning van omliggende spieren en het observeren van de ademhaling. Als er bijvoorbeeld sprake is van een hoge ademhaling kan dit een verhoogde spanning in de bekkenbodemspieren met zich meebrengen dat mede een oorzaak kan zijn van de lage rug- en bekkenklachten.
Specifieke kenmerken van bekkenpijn zijn vaak de locatie die de patiënten aangeven van waar de pijn zich bevindt, voornamelijk gelegen in het bekken gebied, bil, bovenbeen en soms onderbeen. Een ander kenmerk is dat de pijn geprovoceerd wordt door houdingen en bewegingen waarbij het bekken gewricht dragend belast wordt (zoals omdraaien in bed, staan, lopen). En vaak is er geen relatie met bewegingsbeperkingen vanuit de wervelkolom. De herkenbare pijn kan door middel van specifieke testen geprovoceerd worden vanuit de SI-gewrichten en omliggende structuren (Laslett et al., 2005).

Behandeling lage rugpijn en bekkenklachten

De fysiotherapeutische behandeling zal gericht zijn op het aanpassen van:

  • Cognitie wat bestaat uit inzicht geven in de klachten en hoe daarmee om te gaan, bewustwording
  • Disbalans in belasting-belastbaarheid aanpakken door middel van adviezen
  • Aanleren van ontspannings-/ademhalingsoefeningen
  • Mobilisaties en oefeningen ter verbetering van het bewegend functioneren van de lage rug en het bekken
  • Leren aanspannen en ontspannen van de bekkenbodemspieren

Wanneer er sprake is van een overactieve bekkenbodem en deze teveel betrokken raakt bij het stabiliseren van het bekken dan is dit vaak goed te behandelen met bovenstaande strategieën. Op deze manier kan de fysio-/manueel therapeut veel betekenen voor de patiënten met lage rug- en bekkenpijn welke mede hierdoor veroorzaakt worden.

Als er sprake is van een primaire functiestoornis van het bekkenbodem of ernstige onderactiviteit dan behoren deze klachten tot het behandeldomein van een geregistreerd bekkentherapeut.

Verwijzing/vergoeding/tarieven lage rugpijn en bekkenklachten

U kunt zonder verwijzing van uw huisarts of specialist terecht voor een onderzoek en / of behandeling fysiotherapie of manueel therapie. Een behandeling bij een van onze geregistreerde fysiotherapeuten wordt door alle Nederlandse zorgverzekeraars geheel vergoed uit het aanvullende pakket en valt niet onder het eigen risico.

Fysiotherapeuten en manueeltherapeuten bij lage rugpijn en bekkenklachten:

Hilvarenbeek

 

 

 

 

Malou Leijtens-van Kempen

Harm aan het Rot

Anouk Broeren

Maarten van den Broek

Lobke Denissen

Loon op Zand

 

 

 

 

 

Eveline Bosselaar

Ainsley Muller

Floor Goossens-Wagenaar

Ruben van Loon

Ester Vromans

Tilburg

 

 

 

 

Ilona Boers

Ester van Oord

Madhu Zeeuwen

Cora Wiersma

Stijn Bekkers

Referenties:

  • Bons SCS, Borg MAJP, Van den Donk M, Koes BW, Kuijpers T, Ostelo RWJG, Schaafstra A, Spinnewijn WEM, Verburg-Oorthuizen AFE, Verweij HA. NHG-Standaard Aspecifieke lage rugpijn.
  • KNGF richtlijn lage rugklachten, 2013
  • Laslett M, Aprill CN, McDonald B, Young SB. Diagnosis of sacroiliac joint pain: validity of individual provocation tests and composites of tests. Man Ther. 2005 Aug;10(3):207-18.
  • O’Sullivan PB1, Beales DJ. Diagnosis and classification of pelvic girdle pain disorders.Part 1: a mechanism based approach within a biopsychosocial framework. Man Ther. 2007 May;12(2):8697.
  • Pool-Goudzwaard A, van Dijke GH, van Gurp M, Mulder P, Snijders C, Stoeckart R. Contribution of pelvic floor muscles to stiffness of the pelvic ring. Clin Biomech (Bristol, Avon). 2004 Jul;19(6):564-71.